Verslag thema-avond ‘Kunst en Cultuur in Weert’ op 1 juni 2017

By 26 juni 2017 Broedplaats

Programma
19.15 Zaal open – muzikale omlijsting door Jo Brunenberg
19.30 Opening door Conny Beenders
19.40 Inleiding door Peter Ramaekers
19.50 Presentatie door Lilian Creemers en Theo Derksen (CU Weert)
20.30 Pauze – muzikale omlijsting door Jo Brunenberg
20.45 Discussie en brainstorm aan de hand van de gepresenteerde stellingen
21.30 Sluiting en drankjes

Stellingen
Stelling 1:
CULTUURSUBSIDIES ZIJN HELEMAAL NIET NODIG! ANDRÉ RIEU LAAT ZIEN DAT CULTUURUITINGEN NAAR MILJOENEN MENSEN KUNNEN GAAN ZONDER ÉÉN CENT OVERHEIDSSUBSIDIE.
Stelling 2:
KUNST EN CULTUUR ONTSTAAN ONDANKS EN NIET DANKZIJ OVERHEIDSBEMOEIENIS
Stelling 3:
CULTUUR IS DÉ ZINGEVER VAN HET LEVEN. MENSEN LEVEN GELUKKIGER DANKZIJ CULTUUR
Stelling 4:
IK GEEF MIJN LAATSTE 25 EURO LIEVER UIT AAN EEN ETENTJE DAN AAN EEN KAARTJE VOOR EEN THEATERVOORSTELLING!
Stelling 5:
ER IS GEEN VERSCHIL TUSSEN CULTUUR-KUNST EN DE CREATIEVE INDUSTRIE.

Kort verslag presentatie Theo Derksen (i.s.m. Lilian Creemers):
Theo memoreert zijn recente reis door Rusland en welke invloed dat op zijn visieontwikkelinhg heeft gehad. Hij onderstreept het belang van cultuur: cultuur bindt ons samen! Maar cultuur transformeert ook de samenleving!
Daarbij staan kunst en cultuur in het verlengde van elkaar. Kunst is een cultuuruiting.

Cultuur leidt tot meer zelfreflectie, meer stilstaan bij jezelf. En tot emotionele betrokkenheid bij de samenleving.
Theo ziet cultuur als iets onafhankelijks en autonooms. Natuurlijk is cultuur wel afhankelijk van waar je woont en welke etnische achtergrond je hebt. Wat dast laatste betreft: je kunt alleen effectief samenwerken met behoud van identiteit.

Als je kijkt naar ontwikkeling van cultuur en kunst in Weert dan is de toekomstvisie dat er kunstprojecten worden uitgevoerd op vele plekken, bij voorkeur niet op vaste locaties in de stad. Ook in de wijken. Dynamiek moet er zijn; als er al sprake is van flankerend beleid, dan dient dit themagericht te zijn en projectontwikkeling en –uitvoering te bevorderen. De kern van cultuurbeleid zou volgens Theo moeten zijn dat niets vaststaat: in de kern zijn kunst en cultuur fluïde, vloeibaar als het ware. Ze zijn niet vast te pakken, niet goed hanteerbaar als objecten voor beleid! Kunst is veelal historisch ontstaan, en een uiting van confrontatie van verschillende visies, mensen, groeperingen en dergelijke.

Conclusie op het eind van de presentatie: gebruik de hele gemeente als podium!

Ook doet Theo het voorstel om de Weertenaar selfies te laten maken tegen verschillende achtergronden in Weert en deze te presenteren in een scheepscontainer of iets dergelijks.

Discussie aan de hand van de stellingen:

Stelling 1: Het algemene antwoord van de aanwezigen op een vraag of cultuursubsidies nodig zijn is JA. Daarbij denkt men aan de economische en/of promotionele waarde die cultuur kan vertegenwoordigen.
Stelling 2: Kunst en cultuur ontstaan op natuurlijke wijze. De mix van kunst en cultuur komt eerder van onderop tot stand dan vaan bovenaf gestuurd. De overheid zou moeten faciliteren en niet sturen. De algemene mening is dat iedereen via cultuur het recht op zelfontplooiing kan waarmaken.
Stelling 3: Algemeen wordt onderschreven dat cultuur dé zingever is.
Stelling 4: Liever eten en theater combineren zoals in Weert al wordt getoond door het Theater en de huiskamer. Cultuureducatie wordt door iedereen belangrijk gevonden.
Stelling 5: Zonder te vervallen in een discussie over betekenis van woorden is de algemene mening dat kunst vooral ook evolueert door techniekgebruik in de creatieve industrie – denk aan ICT technieken, en nieuwe materialen (zelfs afval kan leiden tot kunstwerken).